Het huwelijk tussen de Britse modeontwerper Paul Smith en autofabrikant Mini gaat al even mee. De eerste speciale editie kwam uit in 1998. Op twee one-off-modellen na zijn we nu, anno 2026, aangekomen bij de tweede reeks. Paul Smith heeft samen met het designteam van Mini de Cooper aangepakt. Maar wat voegen die andere kleuren en extra strepen toe? En belangrijker: hoe rijdt die Mini Cooper E eigenlijk?

Sterke puntenZwakke punten
+StijlvolMultimedia-ergonomie
+RijbelevingEV-capaciteiten
+EfficiëntiePrijzig

Wat is de Mini Cooper E?

Laten we beginnen met de Mini zelf. De Mini Cooper E is de elektrische uitvoering van de kleinste Mini in het huidige gamma. Zijn benzine-verwant bestaat al sinds 1959, maar de elektrische Mini Cooper gaat nog niet zo lang mee; hij werd in 2020 voor het eerst in Nederland geleverd.

De eerste Mini Electric stond op het platform van de benzine-uitvoering. In 2024 kreeg de elektrische Cooper echter een eigen platform en een nieuw jasje.   

Chinese techniek

Om de nieuwe Mini Cooper E uit te brengen, zijn BMW, dat volledig eigenaar is van Mini, en Great Wall Motor (GWM) een joint venture aangegaan. Hier levert GWM de hardwarebasis en de accustructuur, terwijl BMW en Mini de ophanging, demping en besturing zelf afstellen. De Cooper deelt het platform met zijn grote broer, de Aceman.

A- of B-segment?

Qua formaat is de Mini een B-segmenter, maar door zijn minder praktische driedeurscarrosserie en beperkte binnen- en kofferbakruimte heeft hij ook flink wat weg van een A-segmentauto. Hij concurreert hierdoor met B-segment hatchbacks als de Renault 5/Alpine A290 en Lancia Ypsilon (HPF), maar ook met een Abarth 500e.

Specificaties

De Mini Cooper E heeft een 184 pk sterke elektromotor die de voorwielen aandrijft. Daarnaast levert de elektromotor 290 Nm koppel. Het accupakket van de auto bedraagt 36,6 kWh, waarmee je volgens de WLTP-cyclus tussen de 290 en de 300 kilometer aan actieradius hebt. Dit komt neer op een gemiddeld stroomverbruik van 13,8 tot 14,3 kWh/100 kilometer. Snelladen kan tot maximaal 75 kW. Aan een reguliere laadpaal laadt de Mini met maximaal 11 kW. De kofferbakruimte bedraagt 210 tot 800 liter en hij weegt 1.515 kg.

Zoals we al eerder zeiden, zit de Mini een beetje in een gek segment. Qua specificaties laat de concurrentie op papier weinig van de Brit over. De meeste concurrenten laden sneller, komen verder, hebben meer binnen- en kofferbakruimte, terwijl de vanafprijs vergelijkbaar is. Die prijs is nog wel een dingetje, want als je voor deze Paul Smith Edition zou gaan, kost de Mini ineens een stuk meer dan veel concurrenten. Maar hoe onderscheidt hij zich dan?

Paul Smith

Design is altijd een belangrijk onderdeel geweest van Mini. Nu is het merk dus voor de tweede keer een samenwerking met Paul Smith aangegaan. Nieuwe kleuren, nieuwe velgen en een aantal kleine details geven de speciale editie net een wat opvallendere twist, zonder schreeuwerig te worden. De eigenwijze strepen van Paul Smith zijn in het interieur duidelijk te herkennen. Naast deze designaanpassingen is er onderhuids overigens niets anders aan de Paul Smith Edition. De uitvoering is een optiepakket met een meerprijs van €7.600. De Paul Smith Edition kost vanaf €38.190 en de normale Mini Cooper E is beschikbaar vanaf €31.690. Over opties en andere uitvoeringen komen we later terug.

Hoe rijdt de Mini Cooper E Paul Smith Edition?

Van een Mini verwacht je natuurlijk wel het nodige op het gebied van rijplezier. Ook als elektrische instapper moet deze Mini een genot zijn om over bochtige wegen te sturen. Gelukkig stelt de Mini hier niet teleur. Je wordt begroet door een haarscherpe gas- en stuurrespons. De feedback door het stuur is uitmuntend en laat je direct weten als je de rotonde iets te snel probeert te nemen. Wel valt op dat je, mede door de voorwielaandrijving, nogal wat wheelspin hebt. Tegenwoordig klinken 184 pk en 290 Nm niet meer als bizarre getallen, maar die aandrijving levert zeker genoeg power om tractie te verliezen bij het snel wegrijden uit een uitrit. Echt rookpluimen trek je ook weer niet, dus het valt alles mee. Door het strak afgeveerde onderstel en het lage zwaartepunt helt de Mini nauwelijks over. Ondanks het extra gewicht en de elektrische aandrijving is het ouderwetse Mini-gevoel nog steeds duidelijk merkbaar.

Stuiterbal

Dat strakke onderstel heeft natuurlijk ook een keerzijde. Heerlijk op soepel asfalt en door snelle bochten, maar nogal bonkig op slechter wegdek en klinkerwegen. Drempels en oneffenheden werkt het onderstel dus nogal fors weg, maar dit zal voor de Mini-rijder geen nieuws zijn. Op de snelweg is de Mini wel een stuk comfortabeler. Hier lijkt het alsof het onderstel iets meer meegeeft, wat zorgt voor fijnere lange ritten.

Beleving

Als je de Cooper in de Go-kart-stand zet, wordt het stuur zwaarder en de gasrespons nog gretiger. Een sprint naar de 100 km/u doet de Mini in 7,3 seconden en de topsnelheid bedraagt 160 km/u. Mocht je nou nog harder willen, dan is er ook een Cooper SE Paul Smith Edition.

Remmen

Sommige elektrische auto’s hebben nog weleens last van gevoelige remmen, waardoor het pedaal meer als een soort aan-uitknop voelt. Deze Mini niet. De remmen voelen natuurlijk en progressief aan. Mocht je nou als echte EV-rijder zoveel mogelijk willen regenereren, kun je de mate van regeneratief remmen in het multimediasysteem instellen. Zoals we al eerder merkten bij Mini’s, werkt de adaptieve instelling niet perfect. Onze conclusie was dat je de regeneratie het beste in de laagste stand kunt zetten en indien nodig handmatig de B-stand kunt inschakelen met de versnellingsschakelaar.

Sterke punten

Hoewel smaken verschillen, kunnen we er niet omheen dat er een leuk autootje staat. Al helemaal met de two-tone kleurencombinatie van onze testauto. Als we de auto instappen, zien we op de dorpel het motto van Paul Smith: “Everyday is a new beginning.” In het donker word je daarnaast ook begroet door een projectie op de vloer. Naast wat kleine details heeft Paul Smith de stoelen en het dashboard opgeleukt. Het materiaal is hetzelfde als in de overige Mini-modellen, maar de herkenbare strepen van Paul Smith zijn in het interieur terug te vinden. Het ronde multimediascherm uit andere Mini’s is ongewijzigd. Dit scherm draagt zeker bij aan het klassieke gevoel dat Mini probeert te geven aan de Cooper.

Rijgevoel

Het rijgevoel van de Mini is een van de sterkste punten. Het directe stuurgevoel, de duidelijke communicatie en de vlotte acceleratie zorgen voor een ervaring die concurrenten niet altijd kunnen matchen. De Mini combineert daarmee zijn klassieke uitstraling met een flinke funfactor.

Efficiënt

Het door Mini opgegeven stroomverbruik lag rond de 14 kWh/100 kilometer. Na onze testperiode waren we positief verrast met een gemiddeld verbruik van 14,5 kWh/100 kilometer. Die 14,5 kWh/100 kilometer haalden we ondanks het feit dat de meeste stukken op de snelweg gereden werden, met snelheden tussen de 100 en 130 km/u. Als we een beetje ons best deden, kregen we het stroomverbruik gemakkelijk onder het opgegeven gemiddelde. Dit was wel bij erg warm weer, wat voor een EV gunstig is. In de winter kan dat verbruik zomaar flink oplopen.

Zwakke punten

Hoe mooi dat scherm ook is, het blijft wel een zwak punt. Vrijwel alle bediening gaat er namelijk door. De klimaatregeling zit verstopt achter een heel klein icoontje, dat al rijdend lastig is om in te drukken. Ook de rijhulpsystemen bedien je via het scherm.

Het ronde scherm geeft het navigatiesysteem wel een mooie klassieke look, maar dat systeem zelf laat vervolgens wat steken vallen. Zo herkent hij niet altijd actuele wegafsluitingen en is hij nogal optimistisch met het accupercentage. Dat vraagt om wat extra planning. Je kunt dan kiezen voor Apple CarPlay. Dat werkt prima, maar zodra je het activeert, verschijnt er een klein vierkant vlak waarin de CarPlay wordt weergegeven. Dit neemt wat charme weg van het ronde scherm.

Stadsauto

Door het bescheiden accupakket kom je niet erg ver op een lading stroom. Met een volgeladen accu gaf de boordcomputer ongeveer 260 kilometer aan. Voor dagelijks gebruik in Nederland is dat prima, maar voor lange ritten moet je vaak een laadstop maken. Vervolgens valt de laadsnelheid dan weer tegen, waardoor de concurrentie een streepje voor heeft. Al helemaal als je ook kijkt naar de binnen- en bagageruimte. Als volwassenen kun je voor lange ritten niet echt fatsoenlijk achterin zitten. Over de kofferbakruimte valt ook niet naar huis te schrijven. Maar goed, je moet iets over hebben voor een Mini.

Prijskaartje

Tot slot heeft Mini een BMW-eigenschap overgenomen: dure optie- en prijslijsten. Eerder noemden we de meerprijs van €7.600 voor de Paul Smith-uitvoering. Hier begint het echter pas. Voor veel opties moet je later nog flink bijbetalen. Ook was de vanafprijs al niet echt laag.

Uitrusting

De vanafprijs van de Mini Cooper E Paul Smith Edition is dus €38.190. In België is de vanafprijs €36.490. Bij de Paul Smith Edition krijg je een aantal opties “gratis” erbij. De speciale editie is namelijk standaard uitgerust met optiepakket ‘S’ en het Favoured-pakket. Dit pakket bevat opties als keyless entry, draadloze telefoonoplader en sportstoelen. Wil je echter opties als adaptieve cruisecontrol hebben, dan zul je moeten upgraden naar een hoger pakket. Het duurste pakket met alle mogelijke opties, het ‘XL’-pakket, kost €3.200 extra. Onze testauto had een witte carrosserie met het groene dak. De verschillende kleurencombinaties hebben geen meerprijs in de Paul Smith-uitvoering. Wij hadden het optiepakket ‘M’, waarmee het prijskaartje van onze testauto uitkwam op €38.712,38.

Is de Paul Smith-uitvoering het waard?

Boven de Paul Smith-uitvoering staat ook nog de JCW-uitvoering. Deze uitvoering geeft de Mini een sportievere look en John Cooper Works rem- en onderstelupgrades. Daarvoor betaal je ongeveer duizend euro meer dan de Paul Smith Edition. Mocht je dus echt op zoek zijn naar de ultieme sportieve beleving en uitstraling, dan heeft de JCW-uitvoering net wat meer te bieden. Toch is de Paul Smith-uitvoering zeker aan te raden. Het is echt een unieke verschijning en trekt veel bekijks. Het geeft precies het Britse Mini-gevoel dat je graag wilt.

Conclusie Mini Cooper E Paul Smith Edition

Foutloos is hij zeker niet. Je betaalt namelijk best veel geld voor een relatief onpraktische auto. Hij heeft een kleine actieradius, laadt niet supersnel en biedt weinig binnenruimte. Maar eigenlijk zijn deze eigenschappen geen verrassing. Mini’s zijn altijd wat duurder dan vergelijkbare auto’s en qua gebruiksgemak hoef je ook niet bij de Britten te zijn. Al helemaal niet bij de Cooper, daar hebben ze tegenwoordig andere modellen voor.

Wat je wel koopt is een van de leukst rijdende elektrische hatchbacks. Dit gaat gepaard met een unieke, stijlvolle uitstraling in deze specifieke Paul Smith-uitvoering. Wil je een grotere actieradius, dan bestaat er ook nog de Cooper SE. Deze heeft een actieradius van ongeveer honderd kilometer meer, waardoor hij net wat bruikbaarder is. De SE heeft wel een meerprijs van €3.000.

De Mini Cooper E is dus geen auto die je koopt vanwege de praktische eigenschappen. Hij is relatief duur, nogal klein en blinkt niet uit als EV. Maar wie korte ritten wil maken in een leuke eigenwijze hatchback is bij Mini wel aan het goede adres. De Paul Smith Edition maakt hem bovendien nóg opvallender, waardoor de meerprijs voor liefhebbers best de moeite waard kan zijn.   

Categorieën

0 REACTIES
Reageren

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *