Heb je ook gemerkt dat je navigatie steeds slechter wordt in het vinden van de snelste route? Je bent niet de enige. De kwaliteit van routes die het navigatiesysteem opgeeft gaat hard achteruit. De oorzaak ben je zelf.
Dat de navigatie in je auto werkt dankzij GPS is voor niemand een verrassing. GPS staat voor Global Positioning System en is eigendom van de Amerikaanse overheid. Het werkt dankzij 31 satellieten die om de aarde draaien. Zij praten met zo’n zeven miljard apparaten, waaronder je mobiel en het navigatiesysteem van je auto. Op zich is dat helemaal geen probleem.
Toch worden de routes die de navigatie geeft, steeds slechter. Helaas heeft het niets te maken met het systeem dat je gebruikt. Ze worden allemaal slechter, of het nu Google Maps, Waze of een ander systeem is. Elk systeem bedenkt ondertussen de meest vreemde routes en liegt tegen je dat het de snelste route is.
Teveel gebruikers
Het probleem zit niet zozeer in de GPS of in het systeem, maar in het aantal gebruikers. Kort gezegd zijn er te veel gebruikers die navigatie gebruiken om de snelste route te vinden. Een aantal jaar geleden was de snelste route meestal ook de meest logische. Hoofdwegen waren het snelst, dus daar liep de route overheen. Sinds een paar jaar werkt navigatie echter anders.

Tegenwoordig echter weet de navigatie hoeveel auto’s er op die wegen rijden. Hierdoor kan het actief vertragingen voorspellen en jou een andere kant op sturen. Hierbij is echter één probleem: het systeem weet niet hoeveel andere automobilisten ook die kant op gestuurd worden. Hierdoor worden secundaire wegen ineens overspoeld door auto’s die omrijden, terwijl die wegen hier niet op berekend zijn.
Chaos
Daarbij houdt het navigatiesysteem niet overal rekening mee. De breedte van de weg, het aantal verkeersdrempels en het aantal afslagen door tegemoetkomend verkeer (oftewel linksaf) telt het systeem niet mee in de berekening van de reistijd. Voor zo’n systeem is een straat door een woonwijk vaak even snel als de weg die de gemeente bedoeld heeft als doorgaande weg, zolang de toegestane snelheid hetzelfde is. Dus stuurt het jou daarheen, samen met alle andere automobilisten die navigatie gebruiken.
Het is een typisch voorbeeld van de Braess Paradox, waarbij het toevoegen van meer optionele routes zorgt voor meer vertraging. In plaats van logische routes over de hoofdwegen sturen navigatiesystemen auto’s over elke mogelijke route, wat tot chaos leidt. Dit maakt het verkeer moeilijker te voorspellen, waardoor de navigatiesystemen nog vreemdere routes gaan bedenken.
Routeboek
Een onderzoek in Data Science for Transportation laat zien dat het verkeer het beste doorstroomt als tussen de 30 en 60 procent van de auto’s intelligente navigatiesystemen gebruikt. Komt dit percentage boven de 60 procent, dan ontstaan er meer files. Gebruikt meer dan 90 procent van de automobilisten navigatie, dan staat alles vast. Daar zijn we dus aangekomen. Het probleem met die vreemde routes ben je dus uiteindelijk zelf.
Een oplossing is er niet echt. Het probleem is alleen te voorkomen als alle auto’s met elkaar praten en van elkaar weten waar ze heengaan en hoe ze rijden. Er zijn genoeg bedrijven die dat willen, maar dit is een privacy-nachtmerrie. De vraag is of we dat überhaupt wel willen. Tot die tijd werkt je navigatie steeds slechter en rijdt je onlogische routes. Tenzij je er gewoon je oude routeboek bij pakt en de borden volgt. Die oude aanpak brengt je ondertussen het snelst op je bestemming.
