Nieuwkomer NIO heeft een slechte maand achter de rug in Duitsland. Het hele jaar gaat het eigenlijk al stroef, met slechts 18 registraties in de grootste automarkt van Europa. In juli 2026 bleven de registraties steken op slechts drie auto’s. Deze matige cijfers zijn niet terug te zien bij NIO’s Chinese concurrenten, die juist veel Duits terrein winnen. En trouwens, in Nederland en de rest van Europa komt het Chinese merk ook maar lastig van zijn auto’s af.
Slechte cijfers
In Nederland lopen de registraties ook niet storm. Volgens de statistieken van BOVAG zijn er in juli van dit jaar twee auto’s uit de NIO-groep geregistreerd. In de registratiecijfers zijn NIO en Firefly gecombineerd. In 2026 heeft de NIO-groep tot nu toe 47 auto’s geregistreerd. Dat is een flink contrast met andere Chinese “nieuwkomers”. Leapmotor en BYD registreren namelijk duizenden auto’s per jaar. Deze trend is ook te zien in Duitsland. Dat is voor fabrikanten een erg belangrijke markt, omdat het de grootste is van Europa.

Waarom lukt het NIO niet?
De EV-markt groeit stevig in Duitsland, waar Chinese fabrikanten zeker aan bijdragen. Merken als MG, BYD, XPeng en Leapmotor worden goed verkocht aan onze buren. Waarom NIO dan niet? Een aantal jaren geleden kwam NIO met zijn eigen Battery Swap Stations veel in het nieuws. Ook zijn AI-bot Nomi werd vol trots gepresenteerd. Toch heeft dit niet echt veel losgemaakt bij de Duitse autokoper. Volgens Beatrix Keim, directeur van CAR, zijn daar meerdere redenen voor. Het Centre for Automotive Research (CAR) is een Duits onderzoeksinstituut dat zich vooral richt op de auto-industrie.

NIO House
Uitspraken van Beatrix Keim zijn uiteraard analyses van de markt. Samen met de Duitse registratiecijfers geven ze een beeld, maar keiharde feiten over waarom iemand geen NIO en wel een BYD koopt, krijg je niet.
Volgens Keim speelt de naamsbekendheid van NIO in Duitsland een grote rol. De fabrikant kiest er in Duitsland voor om vooral met zogeheten “NIO Houses” te werken. Verkoop loopt grotendeels online, terwijl de NIO Houses gebruikt worden als fysieke showroom. In Duitsland zijn dit er maar een vier, allemaal in grote steden als Berlijn. Dit concept lijkt op de manier waarop Zeekr auto’s verkoopt in Nederland.

Naamsbekendheid
Verder zegt Keim dat NIO nog een relatief onbekend merk is voor de Duitse koper. Het ontbreken van een dealernetwerk kan daarbij een rol spelen. Je ziet geen showrooms en dealers langs de weg, of je moet toevallig langs een NIO House wandelen tijdens een dagje shoppen in een grote stad. In Nederland kom je de NIO Houses tegen in Amsterdam en Rotterdam.
BYD en XPeng gaan steeds meer in zee met lokale dealernetwerken, waardoor hun zichtbaarheid snel groeit. NIO is lokaal een stuk minder aanwezig, omdat het buiten de NIO Houses nauwelijks met dealers werkt.

Unieke techniek, matige infrastructuur
Ook haalt Keim aan dat de unieke Battery Swap Stations minder aantrekkelijk lijken voor de Duitse consument. In Duitsland zijn er ongeveer 20 wisselstations. Als we kijken naar het moederland, staan er in China ruim 4.000 van die stations. Dan is zo’n wisseltruc toch een stuk meer binnen handbereik. Je gaat immers niet een uur omrijden om je auto op te laden. Die accu is daarnaast ook nog eens heel erg duur. Bij NIO kun je ze huren of kopen. Voor het “kleine” accupakket van 75 kWh betaal je in Nederland €169 per maand en voor het grotere 100 kWh accupakket €289. Om te kopen kosten de pakketten €12.000 of €21.000. Met een forse vanafprijs van meer dan €50.000 voor het goedkoopste model, maakt NIO het zichzelf ook niet makkelijk. Deze vanafprijs is exclusief het accupakket.
Wat zijn NIO’s plannen?
Voorlopig blijft het merk gewoon in Europa. Wel op een wat andere manier. Ze gaan steeds vaker in zee met lokale dealernetwerken en proberen met het zustermerk Firefly een wat groter publiek aan te spreken. De fabrikant presenteerde onlangs zelf trots zijn wereldwijde maandcijfers, met een stijging van 68 procent in het aantal leveringen van januari tot en met juli ten opzichte van een jaar geleden. Het kan dus wel, maar in Europa lukt het nog nauwelijks. De vraag is of NIO de Europese consument nog kan overtuigen, of dat het merk toch echt zijn strategie moet gaan omgooien.

