Als we over decennia terugkijken naar de auto’s van nu, zullen we het vast hebben over al die technologie. Fabrikanten hangen auto’s vol met schermen en bouwen steeds meer technologie in. Autobezitters hebben er maar weinig mee, blijkt uit een studie van JD Power.

Onlangs reed ik weer een tijdje in een testauto. Okay, het was een bestelbus maar hij had wel een groot scherm. Hierop was constant de navigatie te zien, een grote kaart die draaide en meebewoog met waar de auto heen ging. Je kon er ook de radio en de airco mee instellen, maar altijd was de navigatie in beeld. Als je de navigatie weinig gebruikte, zoals ik, had je eigenlijk weinig aan het scherm.

Meer technologie, minder gemak

Auto’s worden afgelopen jaren volgestopt met technologie. Knoppen zijn vervangen door schermen. Auto’s houden zelfstandig afstand, blijven zelf binnen de lijntjes en waarschuwen als er te hard wordt gereden. Een deel komt voort uit regelgeving, maar ook die wordt vaak ingegeven door de lobby’s van fabrikanten. Zij willen digitale voertuigen die zelfstandig rijden en de inzittenden digitaal in de watten leggen.

Alleen een scherm en een stuur bij Tesla

En de eigenaren van de auto zelf? Die willen gewoon ontspannen autorijden. Dat is de voornaamste conclusie uit de 2026 Tech Experience Index (TXI) Study van JD Power. Het onderzoeksbureau vroeg 68.084 Amerikaanse eigenaren van nieuwe auto’s om na drie maanden hun mening te geven over de technologie in de auto. De conclusies zijn duidelijk: meer technologie maakt een auto niet automatisch beter. Het voegt vooral waarde toe als het onzichtbaar is.

Passagiersschermen

Het meest tevreden zijn de ondervraagde automobilisten over het intelligente startsysteem en de automatische klimaatcontrole, blijkt uit het onderzoek. Deze maken het dagelijks gebruik van de auto makkelijker, terwijl de automobilist er weinig van merkt. Het werkt gewoon. Technologie die duidelijker aanwezig is, draagt niet automatisch bij aan een betere ervaring. Grote schermen en meer automatisering maken autorijden vooral ingewikkelder, blijkt uit het onderzoek.

Schermen in Mercedes CLA interieur

Uit het onderzoek van JD Power blijkt vooral de aversie tegen schermen. Vooral auto’s met een extra scherm voor passagiers komen er slecht vanaf. Eigenaren vinden het nutteloze technologie. Zo’n 35 procent van de mensen met zo’n passagiersscherm in de auto zegt het nog nooit te hebben gebruikt. Slechts 6 procent gebruikt het regelmatig. Problemen met deze schermen komen relatief veel voor, waardoor ze vaker als negatief dan als positief ervaren worden.

Ondersteunen

Zo zitten veel eigenaren ook helemaal niet te wachten op een zelfrijdende auto, laat het onderzoek zien. Technologie moet het autorijden vooral ondersteunen, niet overnemen. Een systeem dat een ruk aan het stuur geeft als je in de buurt van een lijn komt, piepjes als je te hard rijdt en een groot scherm waarin je je weg niet kan vinden, dragen hier niet aan bij. Technologie die de autorit plezieriger maakt, gebruiksvriendelijk is en niet kapot gaat, doen dit wel.

Het onderzoek van JD Power laat zien dat mensen niet zitten te wachten op meer technologie en meer schermen in auto’s. Gelukkig zien we al fabrikanten die terugkeren op hun schreden en weer fysieke knoppen inbouwen voor de belangrijkste functies. De roep om simpelere auto’s blijft echter nog grotendeels onbeantwoord. Misschien dat we over twintig of dertig jaar lachen om al die technologie, net zoals we nu lachen om sigarettenaanstekers en autotelefoons. Hopelijk kunnen we dan weer autorijden zonder afleiding.

Categorieën

1 REACTIE
Reageren

  1. Erik schreef:

    Navigatie die voortdurend in beeld is kan bij juist begrip een fantastische toevoeging aan het rijden zijn. Je ziet vooraf wat er na een onbekende bocht te wachten staat en hebt een veel duidelijker beeld van je omgeving. Maar voor sommigen is dat inderdaad wennen. Een teveel aan informatie kan de bestuurder met minder mentaal vermogen te zwaar belasten.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *