“Hey Joshua, heb je zin om naar Kopenhagen te komen voor de introductie van de Lexus ES? Jazeker wil ik dat! Mag ik het stuk ook rijden en er een roadtrip van maken?” Dat is in een notendop hoe dit verhaal tot stand is gekomen. We kunnen eromheen draaien maar veel moeilijker is het nooit geworden.
De auto in een notendop
Ons wapentuig voor deze rit is, zoals de titel van dit artikel al verraadt, de grote Lexus RX 450h+. Een grote SUV, iets korter en smaller dan bijvoorbeeld een BMW X5 of Volvo XC90, maar qua luxe doet het model zeker mee. Voor wie bekend is met Toyota- en Lexus-modellen is de aandrijving in deze geen onbekende. Een 2,5-liter viercilinder is gekoppeld aan een 18,1 kWh groot accupakket en een CVT-achtige transmissie. De RX 450h+ levert in deze uitvoering 309 pk en de elektrische aandrijving kan maximaal 391 Nm leveren. Het systeem heeft vierwielaandrijving en voor een dergelijke auto zijn die prestaties ruimschoots voldoende.


Dat wordt ook wel bevestigd door de sprinttijd naar 100 km/u. Een tijd van 6,5 seconden. Zeker voor moderne maatstaven is dat niet bepaald langzaam te noemen, al zijn moderne auto’s natuurlijk gewoon belachelijk snel geworden. Neem van mij aan, meer dan 300 pk heb je eigenlijk nooit echt nodig. Ook niet als het leuk is.
Laat er geen vergissing over bestaan. De RX is een dure auto. De Nederlandse vanafprijs ligt inmiddels rond de €86.795, terwijl de 35th Edition vanaf €89.995 werd aangeboden. Ons model was een rijk uitgerust exemplaar met een nieuwprijs van €92.675. Dat is veel geld. Genoeg om een klein wagenpark van Dacia Dusters mee te vullen.
Voor dat geld mag je dan ook zeker wat verwachten en hier is een leuk feitje. Enkele jaren geleden maakte ik een rit met een hele dikke BMW X5 naar Como. Hoewel de auto zich goed hield, was ik aan het einde van de rit gesloopt. Zo vermoeid dat de simpele handeling van het zoeken naar het hotel een bijbelse taak bleek.
In de Lexus vertrok ik vroeger in de ochtend. De lengte van de rit was, op zo’n 100 kilometer na, hetzelfde en toch kwam ik er vol energie uit. Sterker nog, zo’n 45 minuten na het uitstappen trok ik met de fiets het mooie Kopenhagen in. Uiteraard om LEGO te kopen. Iets waar ik met de BMW niet eens over na kon denken.
Goed verhaal, wat is de opdracht?
De opdracht is dus dit. Het op tijd bijwonen van de Lexus ES-introductie in Kopenhagen. Daarvoor moeten we 918 kilometer rijden. Toegegeven, dat had makkelijk 784 kilometer kunnen zijn, maar ik besloot een omweg te nemen om over de meest indrukwekkende brug te rijden die ik ooit gezien heb. De Great Belt Bridge.
Afijn, daar zijn we nog lang niet. Op dit moment zijn we in het kleine dorpje Nederweert, waar ik woon. De Lexus heeft in de korte nacht opgeladen en heeft nu een aangegeven EV-bereik van 68 kilometer. Dat haalt hij uit zijn 18,1 kWh grote accupakket. Het totale, door de auto aangegeven bereik staat op 745 kilometer. Wat het scherm op het dashboard niet weet, is dat een groot gedeelte van onze rit door Duitsland gaat. De autoliefhebber voelt hem al aankomen. Geen algemene snelheidslimiet.
Hoewel er overal ter wereld een soort oorlog rond snelheid lijkt te woeden, is Duitsland het daar niet helemaal mee eens. Op delen van de Autobahn geldt geen algemene maximumsnelheid, al zijn er ook meer dan genoeg trajecten waar gewoon een limiet staat. Bovendien geldt in Duitsland een richtsnelheid van 130 km/u.
De rit door het dorp gaat makkelijk en stil omdat de verbrandingsmotor uit staat. Overigens een prettig voordeel van een PHEV. Niet iedereen wakker maken om 04:30 uur, want zo laat is het nu wanneer we vertrekken. De zetels staan op verkoelen, de rit is comfortabel en wanneer we in de buurt van Venlo zijn, gaan we de snelweg op en activeert de verbrandingsmotor. Voor mensen die wat weten van topografie is ook duidelijk hoe dicht we bij de Duitse grens zitten.
Dat is leuk en gezellig, maar het eerste stuk over de grens is helaas beperkt. Normaliter geldt daar een maximale snelheid van 120 km/u. Deze ochtend mogen we maar 50 km/u omdat er aan de weg gewerkt wordt. Maar goed, aan alles komt een einde. Dus ook aan de wegwerkzaamheden. Waarna we snel de legendarische borden van de onbegrensde snelheid zien.


Non-stop vol erop!
Eindelijk kunnen we lekker gas geven. Niet dat we lang onderweg zijn. Op dit moment is dat slechts één uur en twintig minuten. Dat wil zeggen dat er nog acht uur en tien minuten te gaan zijn. Maar nu kunnen we, voor zover de Duitse overheid het goed vindt, zo snel als het verkeer, de weg en onze eigen verantwoordelijkheid dat toelaten.
Die laatste zin is zeer bewust. Menig mens hoor ik namelijk zeggen dat je hier zo snel kunt als je wilt. Maar dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn. Je moet altijd controle houden over de auto. Op delen van de Autobahn mag je dus sneller dan 130 km/u rijden, maar dat is iets anders dan een vrijbrief om alle verstand overboord te gooien.
Voorzichtig pikken we de snelheid op. 120, 150, 170 km/u en nog harder. Niet ten nadele van Lexus, maar toch verwacht je op een gegeven moment een zekere vorm van weerstand. Vanwege aerodynamische redenen neemt de luchtweerstand bij deze snelheden namelijk flink toe. Het is dan een beetje alsof je door abrikozenjam rijdt. Andere smaken van jam zouden overigens hetzelfde effect hebben, het is maar voor het beeld.
De Lexus heeft nergens last van. Het enige dat we merken van de hoge snelheid is het geluid van de wind over de voorruit. En zelfs dat is beperkt. De bouwkwaliteit van deze SUV is uit de kunst. Dat is al duidelijk als je normaal rijdt, maar hoe hoger de snelheid klimt, hoe groter ook het respect voor de auto wordt.
We rijden een flink stuk zonder een aangegeven maximale snelheid en de Lexus houdt zich uitermate goed. Zo lang rijden op hoge snelheid zonder ook maar een centje pijn, klaagzang of gekraak verdient bijna een trofee op zichzelf. De RX 450h+ maakte het voor mij makkelijk. Ik was gewoon naar Sabrina Carpenter aan het luisteren.


Weg van de Autobahn
Ondertussen is het 10:30 uur in de ochtend. We hebben er al een behoorlijke tijd op de snelweg opzitten en zelfs in een prettige auto als de Japanner gaat dat vervelen. We nemen de ‘Ausfahrt’ bij Hamburg en kiezen voor wat meer bochten. Via het infotainmentscherm schakelen we naar de Sport-modus. De teugels laten we wat vieren en laten we de 309 pk vrolijk over het asfalt spelen.
Nu we het onderstel wat meer onder ons laten spelen, merken we dat de auto een prettige rol heeft in zijn koetswerk. Niets zorgwekkends, meer het normale resultaat van natuurkunde toegepast op een auto van ruim twee ton. Het is geen stuurmansauto en zal zich ook nooit zo voordoen. Zo zijn de schakelflippers achter het stuur bijvoorbeeld compleet nutteloos voor de beleving van het rijden.
Ondertussen hebben we er een kilometer of 600 opzitten. Het slimme van de hybride techniek van Lexus is dat er altijd een energiereserve in het accupakket beschikbaar blijft. Ook na een enorm lange rit. Die wordt gebruikt voor net dat beetje extra stuwkracht bij het wegrijden. Een stoplicht wordt daardoor net dat beetje gemakkelijker en de aandrijflijn blijft mooi soepel. Dankzij de CVT zijn er bovendien geen klassieke schakelmomenten zoals bij een conventionele automaat.
Na een flinke poos door Hamburg gereden te hebben, is de teleurstelling groot. Alle burgertenten zijn nog gesloten. Het zou verboden moeten worden. Nu had ik naar een McDonald’s kunnen gaan, die dingen zijn praktisch altijd open. Maar om in de geboortestad van de hamburger naar een McDonald’s te gaan, is toch een beetje alsof je op een kraamafdeling anticonceptie probeert te slijten. Afijn, tijd om de tranen te drogen en door te gaan met de rit. Nog 374 kilometer te gaan.


Aankomst in Denemarken
De borden van Denemarken komen me tegemoet. Het is 12:20 uur en op dit moment gebeuren er twee dingen. Mij overkomt een soort van euforie omdat het me, gevoelsmatig, gelukt is. In iets meer dan één ochtend naar Denemarken rijden vanaf het zuiden van Nederland. Tegelijkertijd word ik overvallen door de gedachte dat de collega’s die ervoor gekozen hebben te vliegen rond deze tijd op het vliegtuig stappen.
Voor wie bekend is met een bepaald wereldberoemd autoprogramma voelt het wellicht al aankomen. Voor mij is dit nu een race. Het feit dat de rest van de groep zich daar totaal niet van bewust is, doet er even niet toe. Ik moet en zal eerder aankomen bij het hotel. Een nieuwe energie overspoelt me en ik zet de cruisecontrol op 110 km/u. In de basis mag je op de Deense snelwegen 130 km/u, maar op veel stukken wordt dat beperkt tot 110. Voor nu houd ik me braaf aan de maximale snelheid.
Iets wat daarbij helpt, is de gedachte dat de verkeersboetes in Denemarken torenhoog zijn en berekend worden op je inkomen. Later besef ik me dat ik Denemarken verwisseld heb met Finland. Maar het effect is hetzelfde. In Denemarken bestaat een inkomensafhankelijke boeteberekening inderdaad, maar onder meer bij rijden onder invloed. Voor gewone snelheidsovertredingen geldt dat niet. En dan ben je sowieso onnozel.
Terug naar de auto. Om de cruisecontrol aan te zetten ben je verplicht gebruik te maken van de aanraakgevoelige knoppen op het stuur. Nu werken die in de basis wel, maar om ze ‘even snel’ te gebruiken gaat haast niet. Daar zijn ze net te gevoelig voor. Bovendien is de bediening van de cruisecontrol op zichzelf ook al niets om over naar huis te schrijven. Als hij eenmaal aanstaat, is het goed en ploeteren we door. Een benzinestop is door een brandstoftank van 55 liter wederom nodig. Ondertussen heb ik ook een sanitaire stop nodig. Wederom iets dat me angst inboezemt. De prijzen in Denemarken zijn berucht en niet op een positieve manier. Met enige tegenzin stoppen we.
Het voordeel van een relatief kleine tank is dat die snel weer vol is waardoor we weer sneller onderweg zijn. Desalniettemin zou een grotere tank gewaardeerd worden. Tot mijn grote verbazing was de omgerekende benzineprijs overigens goedkoper dan in Nederland. Dat zegt alles wat je moet weten over Nederland. Bovendien was het sanitair gratis toegankelijk, nog iets dat ondenkbaar is in ons kikkerlandje. Om netjes te zijn, kocht ik toch maar iets te drinken. Mijn keuze viel op een Deense chocomel. Mijn keuze had beter op wat dan ook anders kunnen vallen. Zo fijn als de Lexus is, zo smerig was deze chocomel. Je kan niet altijd zes gooien, zullen we maar zeggen.
Na een poos in Denemarken kruisen we de Great Belt Bridge. Werkelijk kippenvel. De mens kan mooie dingen maken. Natuur is altijd mooi. Wat bijzonder is aan deze verbinding, is dat beide in hun waarde gelaten worden. De natuur mag prachtig blijven, terwijl de bouwkunst van de mens onherroepelijk aanwezig is.
De Storebæltsforbindelse is een gigantisch meesterwerk dat de Deense eilanden met elkaar verbindt. De volledige verbinding is ongeveer 18 kilometer lang en bestaat uit twee bruggen die ogenschijnlijk moeiteloos over een eiland lopen. Vooral de grote hangbrug in het oosten is het showstuk. Het uitzicht is prachtig en de tol, wat mij betreft, meer dan waard. De tarieven verschillen afhankelijk van voertuig en betaalmethode. Wie vandaag met een normale personenauto zonder automatische betaaloplossing rijdt, betaalt 32 Euro voor een enkele oversteek. Kies je voor een heen -en terugweg. Dan betaal je 56 Euro. Nadat we de brug zijn overgekomen, trekt het kippenvel voorzichtig weg en zal de rit nog maar 50 minuten duren. We gaan gestaag door en al snel zie ik de borden van Kopenhagen op me afkomen. We zijn er bijna.
Met nog een half uur te gaan besef ik me dat de collega’s, die nog altijd niets weten van de denkbeeldige race, ondertussen geland zijn. Een snel bericht naar de PR-man van dit machtige merk bevestigt mijn aankomsttijd. Uiteraard bevinden zij zich op dat moment op het vliegveld en is de PR-man in kwestie druk bezig de groep naar de shuttles te sturen.
Ondertussen stuur ik de Lexus Kopenhagen in. Een rustige, prachtige stad. Op vele manieren vergelijkbaar met de grote SUV die me al die kilometers veilig heeft vervoerd. Kopenhagen is een slim doordachte stad. Gemaakt op een bepaalde manier zodat menselijke ambacht en kunst feilloos samenkomen. De gebouwen hier schreeuwen niet om aandacht, maar de stad laat ieder appartement, huis of wat dan ook opvallen. Op die subtiele manier valt alles op, terwijl eigenlijk niets dat doet. De vergelijking met de Lexus is al gemaakt, maar die is subtiel en wellicht zal je even moeten zoeken.
1 Hotel in Kopenhagen
Het is een klein, onopvallend straatje waar we indraaien. De navigatie geeft aan dat de eindbestemming links ligt. Dat klopt, maar doordat ik ernaar zoek, rijd ik er voorbij. Snel omdraaien en begroet worden door de vriendelijke Engelsman die vraagt of ik aanwezig ben voor het Lexus ES-event. Dat klopt.
Hij bevestigt dat ik de denkbeeldige race gewonnen heb en dat hij de rest van de groep ieder moment verwacht. We zijn er. De RX 450h+ was foutloos en ik zit nog steeds vol energie, met de vieze smaak van die Deense chocomel nog altijd in mijn mond.
Inchecken gebeurt praktisch vanzelf en nadat ik mijn spullen op mijn hotelkamer heb gelegd, stapt de rest van de groep uit de shuttle. Zij zien ‘mijn’ Lexus nog net wegrijden. Zo dicht op elkaar reden we. De auto heeft haar taak volbracht en mag nu een nacht rusten, gewassen en getankt worden. Morgen vertrekken we weer naar het volgende avontuur.




De Lexus RX 450h+
Een vraag die ik regelmatig krijg, is de volgende: “Vind je auto’s nog steeds zo leuk nu het je werk is?” Een vraag die impliceert dat werk niet leuk is en dat passie verdwijnt bij het achtervolgen ervan. De waarheid is dat auto’s nu nóg leuker zijn. Ik waardeer de techniek nog meer en een trip zoals deze vult me met een bijna kinderachtig enthousiasme. Ik zou het niet anders willen. Het is een mooi leven.
De Lexus is een idem mooie auto. Gebouwd als een civiele tank. Nergens is die overweldigend, maar overal is ‘ie prettig. Het vermogen is voldoende, de hybride techniek van Lexus is fenomenaal en de bouwkwaliteit altijd fantastisch. Uiteindelijk heb ik over de rit ruim negen uur gedaan. Dat is iets sneller dan de planning maar verteld eigenlijk maar het halve verhaal. De menselijke factor is opmerkelijker. De auto had hier sowieso nooit geen last van gehad. Ik daarentegen wel. Het feit dat ik rustig, vol energie en enthousiasme bij 1 Hotel in Kopenhagen aankwam is een testament van de auto en diens kwaliteit.
Een BMW koop je als je graag autorijdt, een Mercedes als je haast overdreven comfortabel wilt zitten. Een Audi is een prima keuze als je niet kunt kiezen tussen de twee voorgenoemde. Een Lexus is anders omdat je die niet koopt voor de buurman of het straatbeeld. Een Lexus koop je voor jezelf. Zo zijn ze gemaakt en dat merk je. Dat maakt iedere rit, zij het een gigantische roadtrip of een ritje langs de McDrive fijner.









Mooi verhaal, maar AI het na laten kijken en licht aanpassen dan krijg je in onnederlandse kreten “een bijbelse taak”, en abrikozenjam. Dat is dan wel weer jammer.